Bederft ICT de jeugd?

Teaser: 
Lector Jan van Bruggen vraagt zich in zijn column af of ICT de jeugd bederft.
Sokrates werd zo’n 2400 jaar geleden veroordeeld tot de gifbeker, omdat hij de jeugd zou bederven. Ik wil het hier eens hebben over de vraag of dat niet ook voor de huidige ICT geldt en er zijn wel enkele goede redenen om aan te nemen dat er inderdaad een verderfelijke invloed uitgaat van ICT op de jeugd. Ik noem er twee. Neem nu eens het sociale leven. Mijn jongste dochter klaagde eens dat we haar sociale leven frustreerden toen we mopperden over de tijd die ze doorbracht op Hyves en MSN. Dankzij de ICT bestaat het sociale leven uit chat, krabbelen en tweeten. Tot voor kort werd dat sociale leven ernstig beperkt, omdat je je nog achter een computer moest opstellen om in contact te komen, maar mobiele telefonie met Internet heeft die belemmering ook weggehaald, zodat een rijk sociaal leven mogelijk is zonder in elkaars buurt te komen. Kortom, ICT bederft de jeugd door een gemankeerd beeld van sociaal leven aan te smeren.
ICT bederft bovendien de cognitieve vermogens van de jeugd. Alle praatjes over de zappende mens of de multitaskende jeugd kunnen nu wel ter zijde worden geschoven: ons brein is niet zo veel anders als ten tijde van Sokrates: er is geen enkele reden om aan te nemen dat we gelijktijdig handelingen kunnen uitvoeren die aandacht vergen. Maar de plasticiteit van ons brein dan, hoor ik u al tegen werpen. Inderdaad, recent las ik dat het brein van een ‘multitaskende’ medemens zozeer gewend was geraakt aan het constant verleggen van de aandacht dat hij nergens zijn hoofd meer voldoende bij kon houden. Dat is eigenlijk het beeld wat steeds meer naar voren komt: die multitaskers zijn eigenlijk helemaal niet zo goed in het gelijktijdig uitvoeren van een aantal taken. Je mailboxen in de gaten houden; websites volgen; tweeten, krabbelen en ondertussen ook nog wat bestuderen of schrijven; het gaat net zo min samen als mobiel telefoneren en auto rijden.

Kortom: klap die laptop dicht; zet je telefoon uit en ga samen met een paar vrienden iets aardigs doen.

Jan van Bruggen